Stijl – by Frank

Vroeger op school, hoorden voor mij de diverse stijlfiguren bij het lastigste deel van de Nederlandse taal. Ik bedoel hiermee woorden als acroniem, synoniem, metoniem, eufenisme, pleonasme, onomatopee, tautologie, hyperbool en ga zo maar door. Ooit tijdens een of ander proefwerk zal ik ze voor een deel wel goed geraden hebben, maar tegenwoordig ben ik ze vrijwel allemaal vergeten. Behalve synoniem want dat zit in Microsoft Word.

Zo probeerde ik deze week te achterhalen, wat de stijlfiguur is voor een woord, wat gebruikt wordt voor
een product, wat de naam heeft van een fabrikant, maar meerdere fabrikanten maken het product. Voorbeeld Maggi; een soeparoma, alhoewel sommige mensen het ook over frites sprenkelen. Maar of het product nu gemaakt wordt door Knorr of door Maggi het heet altijd Maggi. Aan tafel vraag je om de Maggi door te geven niet het soeparoma. Of je het als fabrikant dan goed voor elkaar hebt, als jouw naam verbonden wordt aan soortgelijke producten van de concurentie, weet ik niet. Het kan natuurlijk ook negatief werken. Andere voorbeelden: Spa voor elk mineraal bronwater, Nescafe voor oploskoffie, in de regio waar ik woon ook wel aangeduid als neskoffie. In sommige landen Gillette voor een scheermesje. Jeep voor een 4wd auto. En waar mijn verhaal om draait kodak.

Eind zeventiger jaren, begin tachtiger jaren ben ik lid geweest van een Belgische fotoclub. Een Belgische collega was daar lid en vroeg mij of ik ook interesse had. Ik heb er veel geleerd. Deze Belgen waren erg gedreven in hun hobbie. Iedere bijeenkomst had iemand wel een foto of dia bij zich, waar je meteen het gevoel had: ik wou dat ik hem gemaakt had. De fotobesprekingen waren voor mij zeer waardevol. Op tentoonstellingen (echt wereldwijd!) haalden ze vaak zogenaamde "aanvaardingen". Dat wil zeggen dat de jury de foto goed genoeg vond, dat hij mee kon doen aan de wedstrijd. Het enige waar ik nooit aan heb kunnen wennen is, dat ze het continu over hunne kodak hadden. In het begin dacht ik nog, dat als je mee wilde tellen, je een camera van het merk Kodak moest hebben. Maar in die tijd behoorde kodak al lang niet meer tot de topmerken. Later bleek dat ze iedere camera een Kodak noemden, ook hun Nikon of mijn Olympus. Navraag bij een huidige Belgische collega leerde mij, dat het in Belgie nog steeds "Kodak" is.

18 Comments

  1. Leuk blogje Frank, het is me nog te vroeg om met een eigen voorbeeld te ‘scoren’ maar mocht ie mij te binnen schieten dan kom ik terug 😉

  2. “Een tot soortnaam geworden merk”. Luxaflex is er ook zo eentje, en vim. Dat is vooral met oudere merken gebeurd, waar lange tijd maar een product van op de markt was. De fabrikant zal er niet blij mee zijn, want zo’n soortnaam heeft geen merkbescherming, en elke goedkope latjesmaker mag zijn zonwering dan luxaflex noemen ook al is de kwaliteit veel slechter (en zijn dus de productiekosten lager) dan die van de ‘officiele’. Het komt voor dat fabrikanten zelf een soortgelijk product onder een andere naam op de markt brengen, alleen om dat effect van ‘het is de enige’ tegen te gaan.

  3. Leuk! Ik kan er ook zo gauw geeneen bedenken 😉

  4. En wat dacht je van Xerox. In de USA het woord voor copieren. Of Stanleymes en Bisonkit misschien ook nog.

  5. Ik hoor mensen wel eens velux zeggen tegen elke soort dakraam… Mss valt dit merk ook wel onder die groep

  6. Dat geeft duidelijk spraakverwarring. Toch blijven ze lief die Belgen en van mij mogen ze hun camera een kodak noemen! 😉

  7. Dit produkt dankt zijn naam aan een kruid dat Lavas heet, in de volksmond ook wel de Maggiplant.
    http://www.lagrandeborne.com/moestuin/maggiplant.htm

  8. leuk om dit verhaal te lezen
    🙂

  9. Idd leuk artikel Frank.
    Hier worden zo’n beetje alle wagens met verhoogde laadruimte een combo genoemd, komt ook wat in die richting volgens mij. En net over de grens wordt elke cola “n’n coca” genoemd. zo worden b.v. in engeland de laarzen vaak wellies genoemd, of het nou laarzen van Wellington zijn of niet.
    Voor het gemak zullen we maar denken.

  10. Leuk logje!
    Ach, zo lang ze het maar niet hebben over een Clickske of een Clackske … toch? 😉

  11. Ik zeg tegen iedere auto gewoon auto,
    Geen verstand van merken:-)

  12. Ik weet er nog eentje, dubbelglas wordt vaak thermopheen genoemd.
    En mijn navigatieding is geen tom tom.

    Tja, taal is erg leuk, maar soms ook vermoeiend.

  13. Dit is een leuk stukje en ik heb er nog huiswerk bij want ik weet ook niet van elk woord wat genoemd wordt de juiste betekenis. Dus dat zoeken we op.

  14. Een aardige is natuurlijk wel de “panenka”, genoemd naar degene die voor het eerst zo’n strafschop nam. En ken je bij het hoogspringen de “Fossbury flop”? Of zijn dit toch weer andere stijlfiguren dan jij bedoelde met het gebruik van het woord “maggi”?

  15. Er is enige overeenkomst, maar als panenka een synoniem zou zijn voor strafschop dan zou het 100% kloppen. Maar men heeft het in het algemeen toch altijd over: strafschop of penalty. Het laatste woord kent wel een vernederlandste vorm met het woord penantie. De eerste die dit woord ooit gebezigd heeft zal het Engels wel niet goed verstaan hebben. 😉

  16. Hyperbool is toch een wiskundig figuur?

  17. haha grappig..ik wist dat echt niet zo van die stijlfiguren…volgens mij kreeg ik dat niet op de MAVO?!..nou ja euformisme, dat wel..

Geef een reactie