Badjakkers
badjakker (schelm, schurk) (uit: Etymologisch Woordenboek van het Nederlands) Ontleend aan Javaans badjag en Maleis badjak (toenmalige spelling) ‘zeeroover’, met toevoeging van het achtervoegsel -er, dat veel voorkomt in persoonsaanduidingen. Men verbindt dit woord ook wel met West-Vlaams patjakken, Oost-Vlaams …
